Goede technologie maakt nog geen goed project

Terug
29.09.2026 Column
Harry Wolkenfelt CEO en oprichter van Solarif
Goede technologie maakt nog geen goed project

Een van de hardnekkigste misverstanden in onze sector is dat een project met goede technologie automatisch ook een goed project is. Dat is niet zo.  Je kunt uitstekende zonnepanelen gebruiken. De beste omvormers selecteren. Een batterij kiezen van een gerenommeerde fabrikant. Alles laten certificeren en voorzien van geavanceerde monitoring. En toch kan het project jaren later alsnog in grote problemen komen. Waarom? Omdat het risico vaak niet in één component zit. Het zit in de manier waarop alles bij elkaar komt.

Het probleem ontstaat vaak voordat iemand het ziet

Wanneer een installatie uitvalt, er brand ontstaat of na een storm schade wordt vastgesteld, zien we het incident, maar het risico dat tot dat incident heeft geleid, kan veel eerder zijn ontstaan.

Tijdens het ontwerp. Bij de engineering. Tijdens de keuze van materialen. Bij de montage of later tijdens beheer en onderhoud.

Een verkeerde kabelroute. Een verbinding die niet goed is uitgevoerd. Een constructieve keuze waarbij onvoldoende rekening is gehouden met de omstandigheden op locatie. Een afwijking tijdens de bouw die nergens goed wordt vastgelegd.

Het lijken kleine beslissingen. Totdat de gevolgen groot blijken te zijn.

Goed risicobeheer begint niet wanneer er schade is. Het begint wanneer je nog kunt voorkomen dat het risico zich in het project nestelt.

We kijken te veel naar componenten

Dat klinkt misschien theoretisch, maar ik zie het al jaren in de praktijk. We komen bij installaties waar uitstekende panelen zijn gebruikt, gerenommeerde omvormers hangen en alle productspecificaties keurig in het dossier zitten.

Toch zien onze inspecteurs vervolgens risico’s in de uitvoering: een verbinding, bekabeling, montage of een interactie met het gebouw die niet goed is doordacht. Dan is er technisch gezien niets mis met het zonnepaneel of de omvormer, maar er is wel degelijk iets mis met het project.

Precies daar zit volgens mij een belangrijke les voor onze sector. We zijn heel goed geworden in het beoordelen van componenten, maar een energieproject is geen verzameling losse componenten. Het is een systeem.

De rekening komt vaak pas later

Het lastige aan risico is dat er meestal enige tijd zit tussen de fout en de consequentie.

Tijdens ontwikkeling en bouw lijkt alles goed te gaan. De oplevering volgt. De installatie produceert. Het project draait.

Pas later ontstaat een probleem en dan blijken ineens heel andere vragen belangrijk te worden:

  • Was dit risico tijdens het ontwerp voorzien?
  • Is gebouwd zoals ontworpen?
  • Welke inspecties zijn uitgevoerd?
  • Zijn afwijkingen vastgelegd?
  • Wie was waarvoor verantwoordelijk?
  • Kan worden aangetoond dat onderhoud correct heeft plaatsgevonden?

En misschien wel de belangrijkste vraag:

Had dit kunnen worden voorkomen?

Op dat moment wordt risicobeheer ineens heel concreet.

Verzekerbaarheid is eigenlijk een stresstest

Dat zie ik ook terug in mijn gesprekken over verzekering. Een verzekeraar kijkt uiteindelijk niet alleen naar de vraag of een bepaalde technologie betrouwbaar is. Hij wil weten welk risico hij overneemt en daardoor komen veel van dezelfde vragen naar boven.

  • Hoe is het systeem ontworpen?
  • Hoe is het gebouwd?
  • Welke veiligheidsmaatregelen zijn genomen?
  • Hoe wordt het onderhouden?
  • Hoe worden afwijkingen ontdekt?
  • Wat kan er gebeuren bij een ernstig incident?

Als daar geen goede antwoorden op komen, ontstaat onzekerheid. Dat kan uiteindelijk gevolgen hebben voor premie, voorwaarden, eigen risico of zelfs voor de mogelijkheid om het project te verzekeren.

Daar raakt verzekerbaarheid ook financierbaarheid.

Niet voor niets gebruiken we binnen Solarif de formule: No Insurance = No Financing = No Project.

Niet omdat voor ieder project letterlijk dezelfde financiële wet geldt, maar omdat moeilijk verzekerbare projecten vaak iets vertellen over de risico's die nog onvoldoende zijn opgelost.

De volgende stap in professionalisering

Onze sector heeft de afgelopen twintig jaar enorme technologische vooruitgang geboekt, maar juist daardoor verandert de uitdaging.

We hoeven niet alleen meer te bewijzen dat zonnepanelen elektriciteit kunnen produceren of dat batterijen energie kunnen opslaan. Dat weten we inmiddels.

De vraag wordt steeds meer of we systemen kunnen ontwikkelen die gedurende twintig of dertig jaar betrouwbaar, veilig en beheersbaar blijven.

Daarvoor moeten we eerder naar risico kijken. Niet pas bij oplevering. Niet pas bij een inspectie. En zeker niet pas wanneer een verzekeraar vragen begint te stellen.

Risico moet vanaf het ontwerp onderdeel zijn van het project.

Dat is voor mij de essentie van De-Risking.

Niet proberen ieder risico uit te sluiten. Dat is onmogelijk.

Wel vooraf begrijpen wat er mis kan gaan, maatregelen nemen om dat risico te verkleinen en ervoor zorgen dat het restrisico dat overblijft bewust wordt gedragen of overgedragen.

Misschien moeten we daarom binnen onze sector iets minder vaak vragen:

Hebben we goede technologie gekozen?

En iets vaker: Hebben we er ook een goed project van gemaakt?