Groei wachtlijsten voor netaansluiting vlakt af, maar vraag naar capaciteit blijft stijgen
Terug
De groei van het aantal bedrijven en huishoudens dat wacht op een netaansluiting lijkt af te nemen. Tegelijkertijd blijft de vraag naar transportcapaciteit toenemen. Dat blijkt uit de Stand van Uitvoering van Netbeheer Nederland over eerste helft van 2026.
Bij de regionale netbeheerders steeg het aantal aanvragen voor stroomafname in de eerste helft van 2026 van 15.154 naar 15.498. Het bijbehorende gevraagde vermogen nam sterker toe: van 9.305 naar 9.986 megawatt.
Voor teruglevering daalde het aantal aanvragen licht, van 8.612 naar 8.558. Tegelijkertijd steeg het gevraagde vermogen van 5.027 naar 5.693 megawatt. Er zijn dus iets minder aanvragen voor teruglevering, maar de partijen op de wachtlijst vragen gezamenlijk meer capaciteit.
Ondertussen breiden netbeheerders het elektriciteitsnet uit en maken zij vaker afspraken met bedrijven over flexibel stroomgebruik. In de eerste helft van 2026 waren er 769 capaciteitssturingscontracten actief, goed voor circa 4,4 gigawatt aan flexibel vermogen.
Versnelling en netuitbreiding is noodzakelijk
Volgens de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) is daarom versnelling van netuitbreiding en slimmer gebruik van het bestaande elektriciteitsnet noodzakelijk. “Sneller bouwen aan het net kan en moet. Flexibel gebruik groeit gelukkig, maar dat kan nog meer gestimuleerd worden, want het net is ook heel veel uren níet vol”, zegt Olof van der Gaag, voorzitter van de NVDE.
Uitbreiding elektriciteitsnet loopt achter
De netbeheerders werken ondertussen aan uitbreiding van het elektriciteitsnet. Vooral bij het middenspanningsnet blijft de uitvoering volgens de NVDE achter bij de verwachtingen. Lange vergunningsprocedures en problemen met ruimtelijke inpassing maken het moeilijk om nieuwe infrastructuur snel genoeg te realiseren.
De NVDE pleit daarom voor het uitgangspunt ‘twee jaar praten, twee jaar bouwen’. In de praktijk kan de voorbereiding van netuitbreidingen echter veel langer duren. Vooral vergunningverlening en het vinden van geschikte ruimte kunnen jaren kosten.
Volgens de branchevereniging is versnelling ook binnen de huidige regelgeving mogelijk. Eerder wees de NVDE al op maatregelen om procedures voor netuitbreidingen korter te maken.
Meer gebruik van flexcontracten
Naast fysieke uitbreiding wordt het volgens de NVDE steeds belangrijker om de bestaande netcapaciteit beter te benutten. Het aantal afspraken waarbij bedrijven hun elektriciteitsgebruik flexibel afstemmen met de netbeheerder neemt toe.
Bij dergelijke capaciteitssturende contracten spreken afnemer en netbeheerder af dat het gebruik van transportcapaciteit niet volledig vastligt. Een bedrijf kan bijvoorbeeld op bepaalde momenten zijn elektriciteitsverbruik verminderen of verschuiven. Daarmee ontstaat ruimte voor andere gebruikers van het net.
Niet alleen het aantal flexcontracten groeit, ook worden deze afspraken volgens de Stand van de Uitvoering vaker daadwerkelijk ingezet. Dat wijst erop dat flexibiliteit een steeds belangrijker onderdeel wordt van de aanpak van netcongestie.
De NVDE noemt de voortzetting van de Flex-e-subsidie voor bedrijven positief. Met de regeling kunnen bedrijven investeren in maatregelen waarmee zij hun elektriciteitsverbruik flexibeler maken en pieken beperken.
De branchevereniging vindt wel dat het beschikbare budget omhoog moet. Daarnaast pleit de NVDE voor een uitbreiding van de regeling naar grotere bedrijven met een zware aansluiting.
Regionaal blijft maatwerk mogelijk
Dat een regio met netcongestie niet per definitie volledig op slot zit, blijkt volgens de NVDE uit de ervaringen in Flevoland, Gelderland en Utrecht. Ondanks beperkingen op nieuwe aansluitingen konden daar de afgelopen maanden lokaal toch aansluitingen worden gerealiseerd.
Door maatwerk en het zoeken naar beschikbare ruimte konden onder meer woonwijken en andere projecten in sommige gevallen alsnog worden aangesloten. De NVDE ziet dit als aanwijzing dat naast grootschalige netuitbreiding ook regionaal maatwerk kan helpen om de beschikbare capaciteit beter te benutten.

























