Zuid-Holland wil batterijen inzetten om ruimte op vol stroomnet te creëren
Terug
De provincie Zuid-Holland en netbeheerders willen batterijen inzetten om de schaarse capaciteit op het elektriciteitsnet beter te benutten. Batterijprojecten die aantoonbaar bijdragen aan het verminderen van netcongestie kunnen onder voorwaarden mogelijk worden aangesloten zonder dat eerst volledige uitbreiding van het stroomnet nodig is.
Dat staat in het Actieplan Netcongestie Zuid-Holland, dat vrijdag 2 oktober werd gepresenteerd. Bijna de hele provincie heeft inmiddels met netcongestie te maken. Het actieplan richt zich daarom naast uitbreiding van het elektriciteitsnet nadrukkelijk op het slimmer gebruiken van de bestaande capaciteit.
Een van de mogelijkheden is het inzetten van zogenoemde congestieverzachters. Grote batterijen kunnen bijvoorbeeld elektriciteit opnemen op momenten dat er voldoende ruimte op het net is en hun verbruik of teruglevering aanpassen wanneer het net zwaar wordt belast. Daarmee kunnen ze onder de juiste omstandigheden juist bijdragen aan het afvlakken van pieken.
Of een batterij daadwerkelijk als congestieverzachter kan worden ingezet, hangt onder meer af van de locatie, de technische eigenschappen en de momenten waarop het systeem beschikbaar is. Een aansluiting is daarmee niet automatisch gegarandeerd. Netbeheerders moeten eerst vaststellen dat het project daadwerkelijk helpt om de lokale congestie te verminderen.
De provincie heeft ook in haar omgevingsbeleid opgenomen dat elektriciteitsopslagsystemen minimaal congestieneutraal en bij voorkeur congestieverzachtend moeten worden ingezet. Dat betekent dat batterijen de piekbelasting op het elektriciteitsnet niet mogen vergroten en deze waar mogelijk juist moeten verlagen.
Het actieplan moet op korte termijn ruimte creëren terwijl tegelijkertijd aan uitbreiding van het stroomnet wordt gewerkt. In delen van Zuid-Holland zitten zowel het hoogspanningsnet van TenneT als regionale netten tegen hun grenzen aan. Sommige uitbreidingen van het hoogspanningsnet zijn pas na 2035 gereed.
























