Stedin onderzoekt duurzame oplossingen voor piekbelasting op elektriciteitsnet
Terug
Netbeheerder Stedin onderzoekt welke duurzame vormen van flexibel vermogen kunnen helpen om pieken op het elektriciteitsnet op te vangen. De organisatie kijkt daarbij naar onder meer langdurige batterijopslag en energie-installaties op alternatieve brandstoffen zoals waterstof en biogas. De marktverkenning vindt plaats in Nederland en moet inzicht geven in welke technieken vanaf 2027 kunnen worden ingezet om het stroomnet tijdens drukke momenten stabiel te houden.
De vraag naar elektriciteit groeit snel door de opkomst van elektrische auto’s, warmtepompen en elektrisch koken. Vooral in de avonduren leidt dat op steeds meer locaties tot hoge belasting van het lokale elektriciteitsnet. Met tijdelijke extra productiecapaciteit wil de netbeheerder voorkomen dat deze pieken problemen veroorzaken.
Op dit moment worden onder meer gasgeneratoren en batterijen met een opslagduur van enkele uren gebruikt om het net te ondersteunen. Stedin wil onderzoeken welke schonere alternatieven beschikbaar zijn en hoe deze technisch en financieel toepasbaar zijn.
Onderzoek naar nieuwe technologieën
Binnen de marktconsultatie wordt gekeken naar verschillende vormen van flexibel vermogen. Daarbij ligt de focus op oplossingen die langer energie kunnen leveren en tegelijkertijd de uitstoot en geluidsoverlast beperken.
Langdurige batterijopslag is een van de technologieën die wordt onderzocht. Ook installaties die gebruikmaken van duurzame of hernieuwbare brandstoffen, zoals waterstof of biogas, maken onderdeel uit van de verkenning.
Naast de technische mogelijkheden brengt Stedin ook andere aspecten in kaart. Zo wordt gekeken naar kosten, benodigde vergunningen, ruimtelijke inpassing en de manier waarop projecten gefinancierd kunnen worden.
Voorbereiding op pilots vanaf 2027
De informatie uit de marktconsultatie moet bepalen welke technieken kansrijk zijn voor vervolgstappen. De bedoeling is om vanaf 2027 op drie locaties verschillende oplossingen te testen. Daarmee moet in totaal circa 30 megawatt aan flexibel regelbaar vermogen beschikbaar komen.
Als de pilots succesvol verlopen, kan de aanpak verder worden uitgebreid. Naar verwachting is de komende jaren tussen de 500 en 1.000 megawatt aan flexibel vermogen nodig om het elektriciteitsnet betrouwbaar te houden tijdens perioden met hoge vraag.
De ontwikkeling past binnen een bredere beweging waarin netbeheerders zoeken naar manieren om de groeiende elektriciteitsvraag op te vangen. Naast uitbreiding van de infrastructuur wordt flexibiliteit steeds belangrijker om het bestaande stroomnet efficiënter te benutten.



























