Subsidie tot 6.000 euro voor tweedehands elektrische auto voor lagere inkomens

Terug
23.09.2026 Nieuws
Subsidie tot 6.000 euro voor tweedehands elektrische auto voor lagere inkomens

Mensen met een lager inkomen kunnen straks mogelijk tot 6.000 euro subsidie krijgen voor de overstap naar een gebruikte elektrische auto. Het kabinet werkt aan een nieuwe inruilregeling waarbij een oude brandstofauto moet worden gedemonteerd. De regeling is nog niet definitief.

Het kabinet wil met de Overstapsubsidie Gebruikte Elektrische Auto’s (OGEA) de overstap naar elektrisch rijden voor mensen met een lager inkomen financieel toegankelijker maken. Daarnaast moet de regeling de Nederlandse markt voor gebruikte elektrische auto’s stimuleren. Dat schrijft staatssecretaris Annet Bertram van Infrastructuur en Waterstaat in een Kamerbrief over duurzaam vervoer van 21 september. Het kabinet heeft voor de regeling 52,4 miljoen euro beschikbaar.

Voor het eerste jaar wordt een subsidie van 6.000 euro voorgesteld voor individuele aanvragers met een verzamelinkomen van 12.500 tot en met 27.533 euro. Bij een verzamelinkomen van 27.534 tot en met 35.793 euro gaat het om 4.000 euro. De bedragen en inkomensgrenzen zijn nog onderdeel van de uitwerking en kunnen dus veranderen.

Oude brandstofauto verplicht inleveren

Wie gebruik wil maken van de regeling moet een brandstofauto in bezit hebben die wordt gedemonteerd bij een RDW-erkend demontagebedrijf. De auto mag maximaal emissieklasse 4 hebben en moet gedurende een bepaalde minimale periode op naam van de aanvrager hebben gestaan.

Voor de gebruikte elektrische auto geldt een oorspronkelijke catalogusprijs van minimaal 12.000 en maximaal 60.000 euro. De regeling moet bovendien ook gelden voor private lease. De elektrische auto moet na aanschaf minimaal één jaar in bezit blijven van de aanvrager.

De subsidie kan maximaal één keer per persoon worden toegekend. Bij verkoop van de elektrische auto voordat de instandhoudingstermijn van één jaar is verstreken, kan het subsidiebedrag worden teruggevorderd.

Individueel inkomen bepaalt subsidie

De inkomensgrens wordt bepaald op basis van het inkomen van de individuele aanvrager en niet op basis van het huishoudinkomen. Volgens de uitvoeringstoets van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) is een toets op huishoudinkomen technisch niet uitvoerbaar.

De regeling richt zich op mensen met minimaal 12.500 euro inkomen per jaar en maximaal 130 procent van het sociaal minimum voor een tweepersoonshuishouden. RVO verwacht ongeveer 10.000 aanvragen per jaar.

Opening mogelijk eind 2026

Het kabinet mikt op openstelling in het vierde kwartaal van 2026. Dat is echter nog niet zeker. Een belangrijke voorwaarde is dat een automatische gegevenskoppeling met de Belastingdienst op tijd wordt gerealiseerd. Daarmee moet RVO het inkomen van aanvragers automatisch kunnen controleren.

Volgens RVO is de koppeling met de Belastingdienst een absolute voorwaarde om de regeling uitvoerbaar te maken. Als die koppeling niet in het vierde kwartaal van 2026 beschikbaar is, kan de regeling volgens de uitvoeringstoets in het tweede kwartaal van 2027 worden opengesteld.

Ook moet eerst een zogenoemde doenvermogentoets positief worden afgerond. Daarmee wordt onderzocht of de regeling en de aanvraagprocedure voor burgers begrijpelijk en uitvoerbaar zijn.