Daling energiearmoede stokt: ruim half miljoen huishoudens blijft kwetsbaar

Terug
23.07.2026 Hoofdartikel
Gijs de Koning Gijs de Koning E-mail Hoofdredacteur
Daling energiearmoede stokt: ruim half miljoen huishoudens blijft kwetsbaar

De afname van energiearmoede in Nederland is in 2025 tot stilstand gekomen. Naar schatting hadden 503.000 huishoudens, oftewel 6 procent van het totaal, onvoldoende inkomen om hun energiekosten te dragen of woonden zij in een huis met een slechte energetische kwaliteit. Dat aandeel is gelijk aan een jaar eerder, blijkt uit voorlopige cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek en TNO.

Hoewel het aantal energiearme huishoudens niet verder toenam, werd het probleem voor een deel van deze groep wel groter. Het aantal huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten steeg van 385.000 in 2024 naar 410.000 in 2025. Volgens CBS en TNO kwam dit vooral door een hoger energieverbruik en stijgende vaste leveringskosten voor gas en elektriciteit.

Tegelijkertijd nam het aantal huishoudens met een laag inkomen in een woning met een slechte energiekwaliteit verder af. Onder een woning met een lage energetische kwaliteit verstaan de onderzoekers een huis dat moeilijk te verwarmen is, bijvoorbeeld door gebrekkige isolatie, en waar weinig of geen mogelijkheden bestaan om zelf energie op te wekken, bijvoorbeeld met zonnepanelen.

Tekort per huishouden loopt op

CBS en TNO hebben dit jaar voor het eerst ook berekend hoe diep huishoudens in de energiearmoede zitten. Daarvoor gebruiken zij de zogenoemde betaalbaarheidskloof: het bedrag dat jaarlijks nodig is om de energielasten onder de grens voor energiearmoede te brengen.

Huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten kwamen in 2025 gemiddeld 624 euro per jaar tekort. In 2024 bedroeg dat tekort nog 577 euro. Om alle huishoudens in deze categorie boven de gehanteerde grens te krijgen, zou volgens de onderzoekers ongeveer 256 miljoen euro nodig zijn geweest.

De tekorten zijn het grootst bij huishoudens die in een woning met een zeer slechte energiekwaliteit wonen. Zij kwamen gemiddeld 1.295 euro per jaar tekort. Bij energiearme huishoudens met een koopwoning bedroeg de betaalbaarheidskloof gemiddeld 967 euro.

De cijfers laten daarmee zien dat een gelijkblijvend percentage niet automatisch betekent dat de financiële druk stabiliseert. Vooral vaste energiekosten kunnen moeilijk worden verminderd door minder gas of elektriciteit te gebruiken. Voor huishoudens die al weinig energie verbruiken, biedt verdere besparing bovendien slechts beperkt ruimte.

Verduurzaming blijft ongelijk verdeeld

De ontwikkeling wijst op een verschil tussen tijdelijke inkomenssteun en structurele maatregelen. In 2022 en 2023 hielden financiële compensaties een deel van de huishoudens buiten de energiearmoede. Nadat deze steunmaatregelen in 2024 waren beëindigd, steeg het aandeel energiearme huishoudens weer naar ongeveer 6 procent. Dat is nog wel lager dan de 6,8 procent uit 2021, het jaar voordat de brede steunmaatregelen werden ingevoerd.

De cijfers over 2025 zijn nog een voorlopige schatting. Omdat individuele gegevens over inkomens, energieverbruik en woningverduurzaming nog niet volledig beschikbaar zijn, heeft TNO gegevens over 2024 doorgerekend aan de hand van algemene ontwikkelingen in prijzen, inkomens en verbruik. De uitkomsten moeten volgens het CBS daarom voorzichtig worden geïnterpreteerd.