Groei aantal banen in de zonne-energie neemt af

09.02.2026 Sjoerd Rispens

Groei aantal banen in de zonne-energie neemt af

Binnen de energietransitie gaat de meeste aandacht vaak uit naar technologische ontwikkelingen en problemen rond de betaalbaarheid en trends in de markt. Maar de mensen die alles mogelijk maken krijgen minder aandacht. Waar de energietransitie wereldwijd wel banen op blijft leveren, neemt het tempo daarvan wel af. In 2024 werkten volgens het rapport Renewable Energy and Jobs: Annual Review 2025 zo’n 16,6 miljoen mensen, maar de groei van werkgelegenheid blijft achter.

Zonne-energie blijft, net als de afgelopen jaren, de grootste werkgever voor mensen in de hernieuwbare energie. Wereldwijd werken er zo’n 7,2 miljoen mensen in de sector, de meesten daarvan in de productie, installatie en het onderhoud van zonnepanelen. Daarmee is de zonne-energiesector goed voor ruim veertig procent van alle banen in hernieuwbare energie.

Andere sectoren, zoals die van bio-energie, waterkracht en windenergie, laten in het rapport veel lagere werkgelegenheidscijfers zien. Vooral offshore wind en grootschalige waterkrachtprojecten zijn kapitaal- en technologie-intensief, maar relatief minder arbeidsintensief dan bijvoorbeeld decentrale zonne-installaties.

De onderzoekers wijzen erop dat erop de samenstelling van banen ook verandert. Zo is het aandeel in productie en de technologieontwikkeling wel gegroeid, terwijl installatie en onderhoud per eenheid van capaciteit juist minder arbeidsinzet vereisen dan de afgelopen jaren.

China domineert, Afrika blijft achter

Hoe is de verdeling van banen wereldwijd geregeld? De onderzoekers tonen aan dat deze grote ongelijkheden vertoont. Het zal inmiddels geen verrassing meer zijn dat China met grote afstand op de eerste plaats staat en ruim 44 procent van de wereldwijde werkgelegenheid voor haar rekening neemt. Dat komt door de dominante positie van het land in de productie van zonnepanelen, batterijen en windturbines, maar ook door grootschalige binnenlandse investeringen in hernieuwbare energie.

Andere landen die een grote met een grote hernieuwbare-energiesector zijn India, Brazilië, de Verenigde Staten en lidstaten van de Europese Unie. In Europa blijft de werkgelegenheid groeien, maar minder snel dan gehoopt, mede door de grote concurrentie met China en vertragingen in vergunningverlening en netuitbreiding.

De situatie van Afrika valt behoorlijk op. Ondanks een enorm potentieel voor zonne- en windenergie blijft het continent achter in daadwerkelijke werkgelegenheid. Volgens het rapport werken er slechts enkele honderdduizenden mensen in hernieuwbare energie in Afrika. Beperkte toegang tot financiering, zwakke industriële ketens en onvoldoende beleidszekerheid spelen daarbij een belangrijke rol.

De onderzoekers trekken in het rapport vier belangrijke conclusies. Ten eerste is er sprake van ongelijke distributie. China blijft, zoals gezegd, de grootste en belangrijkste locatie voor de productie van zonnepanelen.  Dat zorgt ook voor een disbalans wereldwijd en dat weerspiegelt volgens de onderzoekers ook de uiteenlopende niveaus van betrokkenheid en investeringen, maar ook een ongelijke capaciteit om te handelen, gezien de verschillende industriële en toeleveringsketenstructuren, technologische afhankelijkheden en de beschikbaarheid van geschoolde arbeidskrachten.

Een andere conclusie is dat banen in hernieuwbare energie niet vanzelf blijven groeien, ook al is de capaciteit van banen nog zo groot. Gericht beleid is nodig om lokale waardeketens te versterken, industrieën op te bouwen en werkgelegenheid eerlijk te verdelen.

Ook benadrukken de onderzoekers dat de mensen in de energiesector de sleutel tot succes zijn. Educatie en een goede opleiding zijn essentieel en moet zich snel aanpassen om te voorzien in de vaardigheden en competenties die nodig zijn voor de toekomstige energiesector. Gelijke toegang tot opleiding en loopbaanontwikkeling moet aan iedereen worden geboden. De vraag naar gekwalificeerd personeel blijft wereldwijd namelijk onverminderd hoog.

De laatste conclusie die de onderzoekers trekken is dat er een groot gebrek is aan diversiteit op de wereldwijde arbeidsmarkt. Vrouwen ondervinden nog steeds belemmeringen bij het aannemen van personeel en het maken van carrière. Mensen met een beperking beginnen pas net meer kansen te krijgen. Door gelijkheid een concrete realiteit voor iedereen te maken, krijgt de sector voor hernieuwbare energie toegang tot een bredere talentenpool en worden eerlijkere resultaten gegarandeerd.

Het rapport waarschuwt dat de energietransitie kan vastlopen als overheden en bedrijven onvoldoende investeren in opleiding, omscholing en levenslang leren. Dat geldt niet alleen voor nieuwe instromers, maar ook voor werknemers uit de fossiele energiesector die moeten worden begeleid naar nieuwe functies.

Beleidskeuzes worden doorslaggevend

Overheden staan daarmee voor een strategische keuze: blijft de energietransitie vooral een technologisch en economisch project, of wordt zij ook een sociaal project waarin werkgelegenheid, vaardigheden en inclusie centraal staan?